Laatst bewerkt op 11 juli
12 Min
juli 10, 2026
Geschreven door
Kim De Keyser
Zomertype kleuren zijn zacht, koel en gedempt, met een blauwe of grijze ondertoon die je huid laat stralen. Er is een makkelijke manier om thuis te testen of jij een zomertype bent, zodat je de volgende keer gericht kunt shoppen. Je moet je geliefde felle of donkere kleuren trouwens niet achterwege laten, maar wel weten dat je ze beter niet dicht bij je gezicht draagt. In dit artikel ontdekken we welke tinten je beter kiest voor je tops, sjaals en blazers, en welke je er eerder vermoeid of grauw laten uitzien.
Scroll even door je TikTok of Instagram feed en je wordt overspoeld door filmpjes van iemand met een waaier of doeken in verschillende kleuren naast iemands gezicht. En jij moet raden of deze persoon een zomer- of wintertype is. En in de comments lees je 1001 verschillende meningen waarom pasteltinten of eerder herfsttinten beter zouden staan.
Kleurenanalyse is helemaal terug, en ik snap wel waarom. Datzelfde felblauwe topje staat een vriendin prachtig, maar bij jou lijkt het alsof je gezicht 10 jaar ouder is geworden. Dat wil niet zeggen dat er iets mis is met jou. En er is ook niets mis met het topje. Het is gewoon de verkeerde tint voor jouw gezicht en huidskleur.
Als gedempte tinten jou beter staan dan felle en warme kleuren, dan ben je een zomertype. Wintertypes doen het dan weer wel beter met felle kleurtjes en scherpe contrasten.
Zelf had ik dit lange tijd niet eens door. Tot ik op een dag in de paskamer stond met een felle kobaltblouse die ik niet zelf zou uitkiezen, maar een vriendin stond erop dat ik hem paste. En tot mijn verbazing liet hij me helemaal stralen. Toen besefte ik: ik ben een wintertype. Dus alles wat hieronder staat, mag ik voor mezelf net omgekeerd lezen.
Hieronder ontdek je of jij tot de zomertypes behoort, welke kleuren je laten stralen (en welke niet), en hoe je ze het beste combineert.
De juiste koele tint dicht bij je gezicht, en je oogt meteen frisser.
Zomertypes kiezen best voor koele en gedempte kleuren, met een blauwe of grijze ondertoon. Zij kiezen beter voor ingetogen dan fel - denk aan de Belgische kust op een licht bewolkte dag: lichtblauw, mistig grijs en poederroze. En ze laten warme gele- of oranje tinten best achterwege, want het zijn net de koelere kleuren die hun huid laten stralen.
Het zomertype is slechts één van de vier kleurtypes die worden onderscheiden bij een klassieke kleurenanalyse: lente, zomer, herfst en winter.
Zomer en winter zijn allebei koel - het verschil zit in de intensiteit. Wintertypes kunnen felle kleuren en scherpe contrasten aan, terwijl jouw palet net om zachte, gedempte tinten vraagt. Te felle kleuren werken averechts: ze overschaduwen je eigen sprankel in plaats van te flatteren.
Handige vuistregel: ziet de tint van je kledingstuk eruit alsof er een druppeltje melk of grijs doorheen is gemengd, dan zit je goed.
Je bent waarschijnlijk een zomertype als je een lichte huid en een lichte haarkleur hebt. Bij dit type zijn er geen scherpe contrasten tussen de intensiteit van de huid, haar en ogen, maar vormen ze een rustig, harmonieus geheel.
Geen scherpe contrasten, maar een zacht en harmonieus geheel: herken jij jezelf hierin?
Let op deze drie dingen:
Twijfel je nog? Er zijn drie simpele testjes die je thuis kunt doen, die je helpen om je kleurtype te bepalen.
Belangrijk: doe deze test overdag, bij daglicht. Ga dus bij het raam staan en niet bij kunstlicht, want dat geeft een verkeerd beeld.
1. Bekijk de aders aan de binnenkant van je pols. Blauwe of paarse aders wijzen op een koele ondertoon en duiden dus op een zomer- of wintertype. Lente- en herfsttypes hebben eerder groenige aders.
2. Houd iets zilver en iets goud bij je gezicht. Maakt het zilver je frisser en wakkerder, en laat het goud je een beetje geel ogen? Dan ben je het koele type en zit je dus in de zomer- of winterhoek.
3. Leg een zuiver wit stuk naast een ecru of crème stuk tegen je gelaat. Laat het zuivere wit je stralen? Dan bevestigt dat je koele ondertoon.
Deze drie testjes helpen je om te ontdekken of je óf zomer-/wintertype bent, of lente-/herfstype. Om erachter te komen dat ik een wintertype ben, deed ik de test met een zacht poederblauw kussen en een fel koningsblauw topje. Bij mij liet het felle blauw m'n gezicht oplichten, terwijl de zachte kleur me wat flets maakte. Is het bij jou andersom? Dan ben je een zomertype.
Geen enkele test geeft 100% zekerheid, maar vaak bevestigen ze wel wat we diep vanbinnen al weten. Bij mij is het dus geen toeval dat ik aangetrokken wordt tot felle kleuren. Als jij een zomertype bent, neig je waarschijnlijk vanzelf naar meer genuanceerde tinten.
De mooiste tinten voor jou zijn koel en gedempt: van lichtblauw, denimblauw en lavendel tot poederroze, zeegroen en framboos. Denk aan pastelkleurige versies van felle tinten, met een druppeltje grijs erin vermengd.
Wie toch van kleur houdt, maar wel subtiel wil blijven, kan een kijkje nemen naar de collecties van Marc Cain.
Zacht poederblauw hoort tot de meest flatterende tinten die je kunt dragen.
Dé basiskleur van het zomertype. Van lichtblauw en denim tot donkerblauw, grijsblauw en lavendel: bijna elke blauwe tint doet iets goeds met je gezicht. Het Belgische merk Terre Bleue gebruikt dit soort blauwe tinten als signature style en is dus een prima keuze.
Poederroze, oudroze en mauve geven je een frisse gloed. Fluoroze laat je beter aan wintertypes zoals ik, terwijl jij kiest voor roze tinten met een vleugje grijs erin.
Gedekt flessengroen, zeeschuim en blauwgroen brengen rust en passen mooi naast blauwtinten.
Jouw "rood" is er eentje zonder oranje toon erin. Frambozenrood of een koel kersenrood geeft je een uitgesproken accent zonder hard te worden.
Als je start met een basis van koel grijs, koel beige, taupe of marine, kun je daar mooi op verder bouwen. Ga je voor wit? Kies dan zuiver wit in plaats van gebroken wit, wat net wat te warm is.
Leuk om te weten welk kleurenpalet bij jou past, maar hoe maak je daar een geslaagde outfit van? Je kunt “jouw” tinten op twee manieren combineren: ton-sur-ton (verschillende nuances van dezelfde kleur) of een neutrale basis met één gedempt accent. Combineer je meerdere kleuren in één look? Houd ze dan binnen dezelfde familie.
Ton-sur-ton betekent dat je verschillende nuances van dezelfde kleur op elkaar draagt, en voor jou is blauw daarvoor de ideale kleur. Denim op grijsblauw op marine: drie tinten van dezelfde kleur, maar toch anders. Het ziet er doordacht en allesbehalve saai uit. En het mooiste? Je moet echt moeite doen om te mismatchen, zolang je binnen dezelfde “blauwfamilie” blijft.
De tonale stukken van Sarah Pacini zijn hier ideaal voor, want je vindt er makkelijk verschillende laagjes in dezelfde kleurenfamilie. Draag ze met een zilveren ketting of een lichtgrijze sjaal om je look voor een dag in de stad of een lunch op een zonnig terras helemaal af te maken.
Mag het toch iets kleurrijker? Begin dan met een neutrale basis in grijs of marine en voeg één accentkleur toe, bijvoorbeeld poederroze, lavendel of zeegroen. Bijkomende tip: laat de accentkleur dichter bij je gezicht terugkomen, dus liever niet in je sneakers, maar wel in je top, blazer, sjaal of oorbellen.
Een verzorgd stuk van Marie Méro werkt hier geweldig als basis, met een accent de pasteltint waar je van houdt. Less is more werkt hier echt: één accent is genoeg.
Toch iets gedurfder? Combineer dan twee gedempte tinten met elkaar: lavendel met zeegroen, of poederroze met lichtblauw. Klinkt spannend, maar omdat ze allebei koel en zacht zijn, gaan ze toch goed samen. Het is een look die er luchtig en zomers uitziet, maar toch verfijnd blijft voor een mooie lentedag.
Tijdens het shoppen met een vriendin - die dus wel een zomertype is - koos ze voor een lavendeltop en een zeegroene rok als outfit. Mij liet de kleurencombinatie eerder denken aan het beschilderen van paaseieren, tot ik haar zag op de paasbrunch in die exacte combinatie, en ze er echt stralend uitzag.
Op zoek naar meer geslaagde looks voor de zomermaanden? In onze gids met zomerse outfitideeën voor dames zie je hoe je deze tinten combineert voor op een terrasje, kantoor én een feestje.
Om het nog leuker (of ingewikkelder) te maken, bestaan er ook binnen elk kleurentype nog verschillende varianten. Dus binnen een zomertype heb je nog drie subtypes, met dezelfde basis, maar telkens een lichtjes ander kleurenpalet dat het meest flatteert.
De klassieke zomer, met de meest gedekte, koele tinten. Hier komen grijsblauw, framboos, marine en koelroze het mooist tot hun recht. Goud en alle warme tinten laten je dan weer minder stralen.
Deze variant neigt een beetje richting lentetype. Het contrast tussen de helderheid van huid, haar en ogen is heel klein, dus lichte kleuren en pastels werken het best. Deze types komen soms wel weg met een vleugje warmte, zoals een gedempt koraal in plaats van fel oranje.
Weinig verschil in helderheid tussen huid, haar en ogen, met een wat rokerige uitstraling. Mistige, vergrijsde tinten zoals mauve, taupe en zachtgroen flatteren erg. Vermeid felle kleuren, en donkere tinten maken je net iets harder.
Warme, felle en aardse kleuren draag je best met mate: oranje, okergeel, koper, goud, warm bruin en zuiver beige maken je snel grauw of laten je er vermoeid uitzien. Ook erg donkere kleuren en alles met een warme ondertoon past gewoon niet bij je huid.
Dergelijke kleuren zijn dan weer perfect voor herfsttypes. Wil je toch een klein accent in een warmere kleur? Draag ze dan verder weg van je gezicht. Een mosterdgele streep op je sneakers of een fijne riem in warm cognac kan gewoon wel.
Een kleurtype en bijhorend kleurenpalet zijn geen wet - jij mag gewoon dragen wat je mooi en leuk vindt.
De belangrijkste regel: houd kleuren die buiten je palet liggen, ver van je gezicht vandaan. Een broek, rok, riem, schoenen of tas mag wel in een andere kleur, zolang je “jouw” tinten maar in de buurt van je gezicht draagt. Zo kun je toch een frisse uitstraling behouden én je lievelingskleur toevoegen.
Een voorbeeld: je hebt een mosterdgele rok die je echt prachtig vindt. Deze kun je combineren met een grijsblauwe of lichtroze top.
Ik vermeld hier niet per toeval mosterdgeel, want het is echt mijn favoriete kleur. Gelukkig kan ik hem als wintertype wél bij mijn gezicht dragen. Maar ik moet dan weer opletten met pastelkleuren. Ik werd meteen verliefd op mijn pastelgroene broek toen ik hem in de winkel zag, maar dat past niet in mijn palet. Ik draag hem nu met een koel wit of een fel blauw bovenstuk, en dat werkt.
Als het op outfits aankomt, is er niemand die jou hoeft te vertellen dat iets “niet mag”. Want met een paar slimme trucjes kun je het toch laten werken.
Ook als je make-up en sieraden gaat shoppen, kun je jouw kleurenpalet in je achterhoofd houden. Bij jou staat make-up in koele tinten het mooist, en zilveren sieraden flatteren meer dan goud.
Zachte, koele make-uptinten laten je blik natuurlijk stralen.
Zachte en gedempte tinten dus, in plaats van harde, zwarte mascara of eyeliner. Bruine make-up rond je ogen geeft je blik meteen een zachte uitstraling. Je oogschaduw mag zachtroze, mauve, muntgroen of grijzblauw zijn. En je lippen maak je onweerstaanbaar met poederroze.
Zilveren sieraden passen dan weer perfect bij de koele tonen van je huid, vooral als het gaat om halskettingen en oorbellen. Ringen of armbanden kunnen eventueel in warmere goudtinten, als je dat mooi vindt.
De volgende keer dat je gaat shoppen, denk dan aan de regel: de stukken die het dichtst bij je gezicht komen, zoals een top, trui, blazer, blouse of sjaal, kies je het beste in de kleuren voor jouw type. Voor broeken, rokken en schoenen heb je iets meer vrijheid.
Je hoeft geen professionele kleurenkaart te gebruiken, je kunt op je telefoon makkelijk het kleurenpalet voor jouw type downloaden en dat meenemen in de paskamer. Natuurlijk mag je een professionele kleurenanalyse laten doen waarbij je jouw persoonlijke kleurenpalet meekrijgt, maar dat hoeft niet.
Je bouwt je garderobe best op rond een handvol neutrale basics, zoals de stukken van Scapa in lichtgrijs of marine. En daar voeg je dan enkele kleurrijke (pastel)tinten aan toe, plus enkele stuks in jouw lievelingskleuren.
Ik weet trouwens hoe handig zo’n kleurenkaart is en gebruik hem nu altijd als ik iets nieuws ga kopen (ik heb hem gewoon op m’n telefoon). Sinds die zomertype-vriendin thuiskwam met een felroze blouse die ze echt nooit draagt omdat hij haar niet flatteert, heb ik ook al m’n vriendinnen aangeraden om zo’n kaart te gebruiken bij het shoppen.
Zomertype kleuren zijn een handig hulpmiddel, maar dienen niet om je te beperken. Wel om je op weg te helpen naar stukken waarin je echt gaat stralen. Eens je je palet kent, wordt winkelen makkelijker en combineer je beter.
Extra tip: hang in je kleerkast enkele outfits samen die goed passen bij jouw type, voor op die drukke ochtenden of wanneer je al te laat bent voor een feestje. Zo hoef je niet meer na te denken welke stukken samen passen en welke tinten je rond je gezicht wil dragen.
Zin om je nieuwe kennis over het zomerpalet meteen in de praktijk te brengen? Word gratis lid van ShoppingEventVIP en ontdek shopping events met merken die stuks aanbieden die perfect bij jouw tinten passen. Zo scoor je jouw nieuwe zomeroutfit aan VIP-prijzen.
Opmerkingen
Schrijf een reactie
Over Auteur
Kim De Keyser
Schrijver
Kim De Keyser is content writer voor ShoppingEventVIP. Ze schrijft over mode zoals een goede vriendin dat doet: eerlijk, praktisch, en altijd met een knipoog.
Gerelateerde blogs
Bekijk alles